Waarover gaat het?

Kleine kinderen, grote kansen - KKGK²

Een versterkte professionaliteit in het omgaan met diversiteit kinder- en kansarmoede in het kleuteronderwijs

Situering

Het duurzaam verankeren van een verhoogde professionaliteit bij (toekomstige) leraren kleuteronderwijs in het omgaan met diversiteit, kinder- en kansarmoede in het Vlaamse kleuteronderwijs is een prioriteit van de Vlaamse overheid (Beleidsnota Onderwijs 2014-2019; VLAPA 2015-2019; Beleidsbrief onderwijs 2015-2016 - maar zie ook de focus van de Koning Boudewijnstichting binnen het actiedomein Kinderarmoede en sociale rechtvaardigheid en het advies van de Vlaamse Onderwijsraad over kinderen in armoede van 2013).

Voorliggend projectvoorstel werd uitgetekend in opdracht van het Vlaams ministerie van onderwijs Hilde Crevits en de Koning Boudewijnstichting. Deze twee actoren zijn de opdrachtgevers van dit project.

De start van het project is voorzien op 1 januari 2016 en de einddatum op 30 juni 2018.

Dit project is een vervolgtraject op eerdere projecten uitgevoerd in het kader van het innovatiefonds 'De kloof een beetje dichten, sociale emancipatie via schoolleven' (2013, 2014) en het actie-onderzoek 'Kleine kinderen, grote kansen' (2014).

Doelstelling

Voorliggend projectvoorstel wil deze beleidsprioriteit concretiseren via een ondersteuningstraject van 2,5 jaar. Het is gericht op het integreren van de competenties voor het omgaan met diversiteit, kinder- en kansarmoede in het curriculum van de Vlaamse lerarenopleidingen Kleuteronderwijs en om startende leraren kleuteronderwijs op de schoolvloer te ondersteunen met concrete methodieken en tools (starterspakket). Het gaat hierbij om de vijf competenties zoals ontwikkeld door het Steunpunt Diversiteit en Leren, UGent (SDL) in samenwerking met de lerarenopleidingen in het kader van het actie-onderzoek 'Kleine kinderen, grote kansen':

  1. Armoede zien en diversiteit positief benaderen
  2. Werken aan kwaliteitsvolle interacties
  3. Kinderen begeleiden tot kwaliteitsvolle interacties
  4. Diversiteit integreren in het totale ontwikkelingsproces
  5. Maatschappelijke verantwoordelijkheid zien en ernaar handelen

Het project beoogt het realiseren van volgende doelstellingen:

  1. Het ondersteunen van docenten van de lerarenopleidingen kleuteronderwijs bij de integratie van de competenties voor het omgaan met diversiteit, kinder- en kansarmoede in het eigen curriculum;
  2. Het versterken van startende leraren met betrekking tot het omgaan met diversiteit, kinder- en kansarmoede bij de overgang van de opleiding naar het professioneel functioneren;
  3. Het bijdragen aan een attitudeverandering en het stimuleren van kritische reflectie met betrekking tot beeldvorming over kinderarmoede;
  4. Het bijdragen aan een positieve beeldvorming over het beroep van leraar kleuteronderwijs.

Aanpak

Dit project krijgt vorm via een samenwerkingsverband tussen volgende betrokken actoren: het Vlaamse ministerie van onderwijs; de Koning Boudewijnstichting; alle Vlaamse lerarenopleidingen kleuteronderwijs en de pedagogische begeleidingsdiensten.

Het project wordt getrokken door een projectteam bestaande uit de lerarenopleidingen kleuteronderwijs van de Arteveldehogeschool, Karel de Grote-Hogeschool en Odisee, en het Steunpunt Diversiteit en Leren van de UGent.

Het project wordt opgevolgd door een stuurgroep waarin de opdrachtgevers en het projectteam vertegenwoordigd zijn. Maatschappelijke betrokkenheid met onder andere Verenigingen waar armen het woord nemen, het Minderhedenforum en het kinderrechtencommissariaat wordt gerealiseerd via een ruimere adviesgroep.

De beoogde curriculumvernieuwing - het integreren van de hogervermelde competenties in het curriculum van de lerenopleidingen kleuteronderwijs, rekening houdend met reeds geleverde inspanningen van elke lerarenopleiding op dit vlak - wordt gerealiseerd via het ontwikkelen van materialen en methodes voor het vormgeven van krachtige leeromgevingen enerzijds en het uitwerken van een projectplan op maat van elke lerarenopleiding met betrokkenheid van het werkveld anderzijds. Het project voorziet eveneens in het uitbouwen van een lerend netwerk tussen de lerarenopleidingen kleuteronderwijs, het Steunpunt Diversiteit en Leren, en de pedagogische begeleidingsdiensten. Ook lerarenopleidingen lager- en secundair onderwijs zullen worden betrokken bij het lerend netwerk. Klasse voorziet doorheen de ganse looptijd van het project in een ondersteunende mediacampagne en bundelt de tools die ontwikkeld zijn ter ondersteuning van de lerarenopleidingen.

Fasering

Het project omvat vier projectfases.

Projectfase Looptijd
Aanloopfase

Januari - augustus 2016

Startevent 29 februari 2016

Ontwikkelfase

September 2016 - augustus 2017

Implementatiefase

September 2017 - juni 2018

Afrondingsfase

Januari - juni 2018

1. Aanloopfase

Tijdens de aanloopfase wordt het project verder geconcretiseerd in overleg met en in samenwerking tussen het projectteam, de lerarenopleidingen kleuteronderwijs en de pedagogische begeleidingsdiensten. Het project wordt publiekelijk opgestart op 29 februari 2016. Tijdens deze kick-off geven alle betrokken actoren hun medewerking aan het project. Na het startevent, wordt per lerarenopleiding kleuteronderwijs en pedagogische begeleidingsdienst een opstartvergadering voorzien. Via een bevraging van de lerarenopleidingen en de pedagogische begeleidingsdiensten wordt een beginsituatie-analyse en een behoeftedetectie, zowel naar toekomstige als naar startende leraren uitgevoerd. Op basis van deze elementen wordt het projectplan voor de volgende projectfase verder geconcretiseerd. Tijdens de aanloopfase vindt een eerste samenkomst van het lerend netwerk plaats.

2. Ontwikkelfase

In de tweede projectfase worden materialen en methodes ontwikkeld voor het vormgeven van krachtige leeromgevingen voor het omgaan met diversiteit, kinder- en kansarmoede. Deze methodes en materialen omvatten zowel eerder ontwikkeld materiaal (o.m. in het kader van de innovatieprojecten en het materiaal ontwikkeld door het SDL), als materialen en methodes aangereikt door de deelnemende lerarenopleidingen en nieuw te ontwikkelen materiaal. Daarnaast wordt het lerend netwerk verder uitgebouwd. Aan de deelnemende lerarenopleidingen wordt gevraagd een projectplan uit te werken waarin de beoogde integratie van de competenties voor het omgaan met diversiteit, kinder- en kansarmoede e in het eigen curriculum wordt geconcretiseerd:

  • Dit projectplan wordt door elke opleiding, op maat en afhankelijk van de beginsituatie van elke opleiding, opgemaakt volgens een format en aan de hand van kwaliteitscriteria aangereikt door de stuurgroep;
  • Voor de opmaak van dit plan wordt ondersteuning voorzien door het projectteam en intervisie in het kader van het lerend netwerk;
  • Het projectplan verduidelijkt op welke manier alle docenten van de lerarenopleiding kleuteronderwijs betrokken worden;
  • Het projectplan voorziet in een samenwerking met enkele kleuterscholen gericht op het aftoetsen van de relevantie voor startende leraren;
  • De projectplannen worden - op basis van de eerder geformuleerde kwaliteitscriteria - beoordeeld door de stuurgroep resulterend in een evaluatierapport.

3. Implementatiefase

In de derde fase, wordt aan elke deelnemende lerarenopleiding gevraagd het opgemaakte projectplan uit te voeren. Hierbij wordt opnieuw begeleiding voorzien vanuit het projectteam (2 bijeenkomsten per opleiding) en intervisie in het kader van het lerend netwerk (4 bijeenkomsten). De lerarenopleidingen gaan in deze fase ook aan de slag met de ontwikkelde materialen en methodes in de verschillende opleidingsonderdelen.

4. Afrondingsfase

In de laatste fase - die gedeeltelijk overlapt me de implementatiefase - wordt een proces- en effectevaluatie van het project uitgevoerd en wordt een eindrapport opgemaakt. Samen met de betrokken partners wordt onderzocht op welke manier de projectresultaten op een duurzame wijze kunnen verankerd worden. Tijdens dit traject wordt het ondersteuningspakket uitgewerkt door het samenwerkingsverband ook verder verspreid bij de startende leraren. De bevindingen, eindconclusies en (beleids)aanbevelingen worden kenbaar gemaakt tijdens een slotevent (periode april-mei 2018).

Transfer naar de opleiding lager- en secundair onderwijs

Hoewel voorliggend projectvoorstel gericht is op het kleuteronderwijs, beogen de opdrachtgevers reeds in dit project een transfer naar de opleiding lager- en secundair onderwijs te realiseren. Aan elke lerarenopleiding zal gevraagd worden ook een vertegenwoordiger van de lerarenopleiding lager- en secundair onderwijs van de eigen instelling in te schrijven voor participatie aan het lerend netwerk. Daarnaast dient het projectplan een aanzet tot continuering van de opgestarte curriculumvernieuwing naar de lerarenopleiding lager onderwijs te bevatten.